contact word donateur

Tips voor je spreekbeurt of werkstuk

Kun je wel een beetje hulp gebruiken bij het maken van je spreekbeurt of werkstuk? Op deze pagina staan wat handige tips. En als je spreekbeurt of werkstuk is geweest, horen wij graag of je wat aan de tips hebt gehad en hoe het ging!

Zo maak je een werkstuk

  • Bereid jezelf goed voor. Ga op zoek naar boeken over je onderwerp of kijk op internet. Zoek ook goede plaatjes.

  • Als je alle informatie hebt gevonden, dan begin je pas met schrijven.

  • Schrijf geen zinnen over uit boeken en/of folders, maar probeer alles zoveel mogelijk in je eigen woorden op te schrijven.

  • Gebruik nooit woorden die je niet kent. Als je moeilijke woorden tegenkomt, vraag dan aan je ouders of op school wat deze woorden betekenen, of zoek ze op in een woordenboek.

  • Laat ruimte voor de plaatjes die je in jouw werkstuk wilt plakken.

  • Schrijf niet alles achter elkaar. Als je iets over een nieuw onderwerp gaat schrijven, laat dan een regel open of verzin een kopje dat je erboven kunt zetten.

  • Als je klaar bent met schrijven en alle afbeeldingen hebt ingeplakt, maak je een voorkant bij je werkstuk. Op de voorkant moet in ieder geval de titel van je werkstuk staan en je naam. Probeer de voorkant zo leuk mogelijk te maken, door er foto's of tekeningen op te plakken, of door met kleurtjes te werken. Zorg er verder voor dat alle bladzijden goed aan elkaar vastzitten met een nietje of een touwtje.

Zo houd je een spreekbeurt

  • Bereid jezelf goed voor. Ga op zoek naar boeken over je onderwerp of kijk op internet.

  • Als je alle informatie hebt gevonden, dan begin je pas met schrijven.

  • Eerst uitschrijven: schrijf op wat je in je spreekbeurt wilt vertellen. Je kunt de hele tekst uitschrijven, maar dan moet je oppassen dat je spreekbeurt geen voorleesbeurt wordt. Je kunt ook alleen de belangrijkste woorden en begrippen opschrijven, die als geheugensteuntje tijdens je spreekbeurt dienen.

  • Oefenen: om te oefenen vertel je je verhaal hardop aan jezelf. Je kunt dit voor een spiegel doen. Ook kun je je verhaal aan je ouders of broertje of zusje vertellen. Aan hun reactie kun je zien of je spreekbeurt goed is of niet en kun je je verhaal aanpassen.

  • Plaatjes/filmpjes: verlevendig je spreekbeurt met het laten zien van plaatjes in de klas. Hang ze eventueel op het bord op. Of laat een¬†filmpje van YouTube zien.